Ode aan de doden

Er zijn uren zonder jou. Soms. Misschien. Het is denkbaar.
Er zijn rivieren met oevers vol boterbloemen zonder jou.

Boten met hakkelende motoren, stroomopwaarts, zonder jou.
Er zijn wegen zonder jou. Zijwegen, ongelukken, greppels.

Vlinders zonder jou zijn er, en distels. Ontelbare.
Er is mismoedigheid zonder jou. Laksheid. Angstvalligheid.
En er gaat geen uur voorbij, er is nog geen uur voorbijgegaan.

Please select a YouTube embed to display.

Embed not found. Wrong youtube id or video doesn't exist.

Verhaal van de mier en de eekhoorn

 

Op een ochtend klopte de mier al vroeg
Op de deur van de eekhoorn.

“Gezellig,” zei de eekhoorn.
“Maar daar kom ik niet voor,” zei de mier.
“Maar je hebt toch wel zin in wat stroop?”
“Nou ja… een klein beetje dan.”
Met zijn mond vol stroop vertelde de mier waarvoor hij gekomen was.
“We moeten elkaar een tijdje niet zien,” zei hij.
“Waarom niet?” vroeg de eekhoorn verbaasd.
Hij vond het juist heel gezellig als de mier zo maar langs kwam.
Hij had zijn mond vol pap en keek de mier met grote ogen aan.
“Om erachter te komen of we elkaar zullen missen,” zei de mier.
“Missen? Je weet toch wel wat dat is?”
“Nee,” zei de eekhoorn.
“Missen is iets wat je voelt als iets er niet is.”
“Wat voel je dan?”
“Ja, daar gaat het nou om.”
“Dan zullen we elkaar missen,” zei de eekhoorn verdrietig.
“Nee,” zei de mier, “want we kunnen elkaar ook vergeten.”
“Vergeten! Jou?” riep de eekhoorn.
“Nou,” zei de mier. “Schreeuw maar niet zo hard.”
De eekhoorn legde zijn hoofd in zijn handen.
“Ik zal jou nooit vergeten,” zei hij zacht.

Toon Tellegen

We lezen Genesis-24

Overweging

Lieve mooie mensen van God,

Alleen jijzelf weet wat je diepste verdriet is,

En alleen jijzelf kent je grootste vreugde. ( een wijsheid uit Spreuken)

Isaak dwaalt door de woestijn. Hij heeft verdriet. Hij mist zijn moeder Sarah. Er zijn geen woorden voor het missen dat hij doet… zo zou je het bijna kunnen zeggen.

Dat kan dat inderdaad zijn met gemis. Dat het zo groots is, dat woorden altijd tekort schieten. Missen: dat wat je voelt als iets er niet meer is. De liefde, die haar adres kwijt is geraakt. De liefde is er nog, maar degene waarmee de liefde gedeeld werd, niet meer. Althans, niet meer lijfelijk aanwezig. Niet meer aanraakbaar.

Als in een woestijn kun je je dan voelen. Dor en leeg. Geen perspectief. Niets om je op te richten.

Abraham zag dit verdriet bij zijn zoon. En, ondanks dat hij ook zijn geliefde vrouw miste, kon hij toch Isaak niet helpen. Ze hadden ieder hun eígen verdriet. En misschien, ja misschien spraken ze wel over Sarah. Over hoe ze was en wie ze was. Tegelijk … dat ene laatste beetje…dat hele eigene dat Abraham met Sarah deelde en het hele eigene dat Isaak met zijn moeder deelde, dat konden ze niet met elkaar delen.

Alleen jijzelf weet wat je diepste verdriet is.

Dat maakt soms ook eenzaam… als een geliefde is overleden …ieder alleen met zijn of haar verdriet. En ieder gaat er op zijn of haar eigen manier mee om. Zo werkt dat met verdriet…

Abraham had zorg om zijn zoon. Zíjn leven was al voluit geleefd. Hij had gehoor gegeven aan een stem uit de hemel die hem vertelde dat hij op weg moest gaan. Een stem die hem een belofte van een groot volk had gedaan. Een stem die gezegd had God te zijn. En deze God had een verbond gesloten met Abraham. Ik zal jou een groot nageslacht geven en ik zal altijd bij je zijn… Een belofte waarop Abraham had leren vertrouwen, met vallen en opstaan. En toch…en toch…hij kneep m toch een beetje.

Immers Isaak had geen vrouw… De belofte van een groot volk, het verbond tussen God en mens, hing allemaal van Isaak af… En aangezien Isaak niet echt aanstalten maakte om een levensgezel te zoeken, nam Abraham hier even de regie.

Zoek een vrouw voor Isaak, zo draagt hij zn knecht Eliezer op. En..heel opmerkelijk, de enige plek waar God ter sprake komt in dit verhaal is hier…in de vorm van een engel.

“daarom zal de Heer je helpen, hij zal een engel voor je uit sturen, zodat je daar zeker een vrouw zult vinden”

In deze hemelse afgezant is God zelf aanwezig…dragend…nabij…Zou het dan toch zo zijn, dat de toekomst van dat verbond tussen God en mens, niet alléén van de mens afhangt…? Soms is de aanwezigheid van de Eeuwige als een engel op je weg.. alleen achteraf herkenbaar misschien.

Rebekka wordt gevonden. Eliezer ontmoet haar bij de bron.

Er gloort hoop aan de horizon voor Isaak. Een bron, een plek van leven, van water, waar wegen kruisen en mens en dier hun dorst lessen. Het moet haast wel dé vrouw zijn.. het kán niet anders.

En zo geschiedde het dat Rebekka er zelf mee instemt, om met Eliezer mee te gaan. Weg van haar vader en moeder, naar het land van belofte, het land Kanaän.

Isaak dwaalt in de woestijn…in de verte ziet hij kamelen naderen…zou t? Is t? Is dat niet Eliezer? En wie is die lieflijke gestalte die daar van de kameel glijdt? Hij knijpt zijn ogen tot spleetjes om het goed te kunnen zien.

Ook Rebekka tuurt in de verte. Zou t? Is t? Is dat… Eliezer knikt. Ja, dat is Isaak, mijn meester.

Ze bedekt haar gezicht en langzaam zien we de twee figuren op elkaar af lopen tot ze tegenover elkaar staan.

 

En Isaak nam Rebekka mee naar de tent van Sara, zijn moeder.

De tent van Sarah… waar zij gewoond en gewerkt heeft. Isaak neemt Rebekka mee naar haar tent. Waar alles nog aan haar doet denken. Hier, in deze tent, is het gemis van Sarah zichtbaar aanwezig. Een lege plaats vol herinneringen. Sarah is niet meer. Heel bewust zoekt Isaak deze plek op. Waar hij niet kan ontkomen aan zijn verdriet. Soms is het juist zo, dat iemand juist voorzichtig is met het ophalen van herinneringen. Het verdriet is nog te vers, te rauw. Dan kun je het gewoon niet aan om de muziek te horen de film te zien, de kamer in te gaan.

En misschien is dat ook lange tijd zo geweest voor Isaak. Maar nu is hij er klaar voor. Met Rebekka aan zijn hand, stapt hij voorzichtig over de drempel van de tent. Samen kijken ze rond. Isaaks hand glijdt langs de dierbare spulletjes van zijn moeder. Soms pakt hij iets op, kijkt en ruikt en glimlacht. En Rebekka ziet het rustig aan. Ze laat Isaak zijn gang gaan.

Voorzichtig stelt Isaak zijn moeder aan Rebekka voor. Kijk…hier hield ze van…dit deed ze graag, zo zat ze hier… De vrouw die hem het leven geschonken had, wordt voorgesteld aan de vrouw met wie hij het leven gaat delen.

Het is alsof in die tent verleden en toekomst elkaar ontmoetten. Sarah en Rebekka…

Samen met Rebekka, staat Isaak stil bij wat achter hem ligt. Maakt hij haar deelgenoot van zijn verdriet en gemis. En vindt tegelijk troost bij haar… omdat zij hem de ruimte geeft om heel bewust los te laten waar hij zo lang in vast zat…rouw..

Het kan ook niet anders dan zo. Je kunt rouw niet overslaan. Je kunt je gemis niet ontkennen. Je kunt je verdriet niet negeren. Het heeft ruimte nodig. Erkenning. Een naam, een plek.

Bij zoveel mensen staat thuis wel ergens een foto met een kaarsje, of een voorwerp dat zo dierbaar is en doet herinneren aan die ene, of die twee.. die er niet meer is of zijn. Een gedenkplekje. Een kleine aanwezigheid. Dan weer heel voelbaar, dan weer op de achtergrond, maar het ís er. Omdat die persoon nou eenmaal een belangrijk deel heeft uitgemaakt van wie jij bent! Een moeder, een vader, een oma of opa, een broer of zus, een zoon of dochter… Ze zijn immers nog steeds verbonden met je, in de liefde die er was. In de lege plek die ze hebben achtergelaten. Je mist ze en je zult ze nooit vergeten…

Het is goed om daarbij stil te staan. Dat doen we vanmorgen ook. We stappen als het ware de tent in van onze herinnering aan die ene. En we noemen de naam. In liefde en dankbaarheid. We staan stil bij ons verdriet, misschien is het nog vers, misschien is het al wat zachter geworden.

Ook ons verleden en toekomst vallen samen in die tent. Wij staan stil bij die geliefde die er niet meer is… geven hem of haar de aandacht, stellen hem of haar present, door de naam te noemen, op te schrijven, in stilte voor ons uit te fluisteren… We vullen de ruimte met al die lieverds die we missen en nooit zullen vergeten.

De lege plek die zij achter hebben gelaten, mogen we leeg laten. Totdat deze, als we er aan toe zijn, zich laat vullen met liefde… met dierbare herinneringen die je doen glimlachen, met verhalen die je delen kan met de mensen om je heen…

Dan weet je…de liefde gaat nooit weg.. in liefde ontmoeten we elkaar, altijd weer. Eventjes, in een onverwacht moment.

Dan weet je ook: de engel is inderdaad vooruit gesneld en heeft ook voor mij de toekomst veilig gesteld..ik kan weer…het kan weer..leven..

Isaak ging veel van Rebekka houden, zo staat er. De engel had zijn werk goed gedaan, zou je kunnen zeggen. Na zijn diepste verdriet, ontdekte hij zijn grootste vreugde.

En zijn moeder Sarah kijkt glimlachend op hem neer…

Dat het ook zo mag zijn voor jou, voor u… vertrouwend op die Onzienbare God, die nooit loslaat wat haar handen ooit zijn begonnen, in leven en sterven…in liefde verbonden, altijd.

Marco Borsato - Voor Jou (Official Lyric Video)
3,760,830 views
10,466    537
Published at 2017, November 02
Official Lyric Video voor ’Voor Jou’, afkomstig van het nieuwe album ‘Thuis’
Pre-order het a
Show More

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.